Masculinities

Masculiniteit (letterlijk te vertalen als“mannelijkheid”, ook wel vertaald als “mannelijkheidsconstructie”) verwijst naar de sociaal-culturele constructie van wat het betekent, of zou moeten betekenen, om een man te zijn in een specifieke context. Het gaat om de bestaande verwachtingen omtrent het gedrag, de rollen en verantwoordelijkheden van mannen.

De meervoudsvorm masculinities (“mannelijkheden”) verwijst naar het feit dat er vele definities van “man-zijn” bestaan tussen en binnen culturen, en dat deze kunnen veranderen van tijd tot tijd en van plaats tot plaats. De meervoudsvorm verwijst ook naar het belangrijke inzicht dat mannen, net als vrouwen, voortdurend hun positie binnen de sociale hiërarchie onderhandelen (UNESCAP 2003: 5). Met andere woorden, wat het betekent om een man te zijn in een samenleving is niet statisch maar veranderlijk. Dit betekent dat de attitudes en het gedrag van mannen ten opzichte van vrouwen kunnen veranderen. En dit biedt perspectieven voor het werken aan genderrechtvaardigheid.

Masculiniteiten is een beschrijvend begrip. Het verwoordt de verwachtingen over man-zijn in de context, zonder daar een oordeel over te vellen. Het is dan ook belangrijk masculiniteiten niet te verwarren met patriarchie of het patriarchaat.

Patriarchie is een sociaal systeem waarin de rol van de vader (de patriarch) centraal staat in de sociale organisatie en waarin de patriarch autoriteit heeft over de vrouwen, kinderen en eigendommen van de familie. In de feministische theorie staat patriarchie voor het patriarchaat, een onrechtvaardig sociaal systeem van ongelijke machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen, waarin alle sociale mechanismen de mannelijke dominantie over vrouwen reproduceren en uitoefenen.

Masculiniteiten is dus een beschrijvend begrip dat aangeeft dat mannen geen homogene groep zijn. Normen over masculiniteit variëren aan de hand van socio-economische, culturele, etnische en andere factoren, zowel tussen als binnen samenlevingen. Ondanks deze observatie, wordt mannelijkheid in de veel samenlevingen geassocieerd met dapperheid, kracht, onafhankelijkheid en seksuele activiteit. Sociale verwachtingen beperken vaak de mogelijkheden van mannen om zichzelf te zien als zorgende, geweldloze en verantwoordelijke partners. Het ideaalbeeld van mannen als succesvolle providers, die alles onder controle hebben en autoritair zijn, beïnvloedt de manier waarop mannen zich verhouden tot hun vrouwen, kinderen en andere mannen en vrouwen. De druk om te presteren kan bijvoorbeeld met name economisch gemarginaliseerde mannen veel stress opleveren, wat zich kan uiten in geweld.

Net zoals we het niet over gender kunnen hebben zonder mannen te noemen, kunnen we het niet over masculiniteiten hebben zonder aandacht te besteden aan feminiteiten; de constructies van “vrouwelijkheid” die er bestaan. Net als mannen hebben vrouwen het gedrag dat van hen verwacht wordt vaak geïnternaliseerd en net als mannen kunnen zij een rol spelen in het (re)produceren van ongelijkheden (zie bijvoorbeeld: UNESCAP 2003: 7-8; WHO 2002a: 94-95), zelfs wanneer dit betekent dat hierdoor onderdrukking of geweld tegen henzelf of andere vrouwen bestendigd wordt. Denk bijvoorbeeld aan het imago van de schoonmoeder in ruraal India, die weinig te zeggen heeft ten opzichte van de mannen in het huishouden, maar wel bepaalt waar haar schoondochters mogen gaan en staan.

BRON: Masculinities in het Zuiden, Lessons Learned door Joni van de Sand voor Werkgroep De Keukentafel, WO=MEN, Oktober 2011
(zie ook: Mannen & Gender –> Onderzoek)