25-02-2026
WO=MEN verwelkomt de aanbevelingen van het VN-Comité van vrouwenrechtenexperts die – toevallig – tegelijkertijd met de bordesfoto van kabinet Jetten zijn gepubliceerd. Hoewel het comité erkent dat er op sommige aspecten wel vooruitgang is geboekt, benadrukken de experts vooral dat Nederland veel meer moet doen om discriminatie tegen vrouwen tegen te gaan. Het rapport biedt houvast voor het nieuwe kabinet om daadwerkelijk aan de slag te gaan voor gendergelijkheid en vrouwenrechten.
Nederland heeft zich sinds 1991 formeel gecommitteerd aan het VN-Vrouwenverdrag (internationaal beter bekend als
CEDAW). Dit is een van de belangrijkste internationale afspraken op het gebied van gendergelijkheid en vrouwenrechten. Het is met 187 landen die getekend hebben ook één van de breedst gesteunde internationale mensenrechtenverdragen. En het is geen vrijblijvendheid: Nederland is wettelijk verplicht opvolging te geven aan de aanbevelingen van het Comité.
Het CEDAW Comité ziet toe op de uitvoering van het VN-Vrouwenverdrag. Afgelopen
6 februari werd Nederland hierover aan de tand gevoeld op het VN-hoofdkwartier in Genève. WO=MEN's Nadia van der Linde was hierbij aanwezig als expert en waarnemer, samen met onder andere de delegatie van het
Netwerk VN-Vrouwenverdrag. Dit netwerk neemt al jaren de coördinatie en ontwikkeling van gezamenlijke
CEDAW-schaduwrapportages op zich. Via deze rapportages informeert het Nederlands maatschappelijk middenveld, circa 90 maatschappelijke organisaties, het CEDAW Comité over de knelpunten en gaten die we zien op het gebied van beleid, wetgeving en uitvoering voor het waarborgen en versterken van gendergelijkheid en vrouwenrechten.
Het Comité benadrukt terecht het ontbreken van een overkoepelende, structurele gendermainstreaming en de beperkte intersectionele benadering in Nederlands beleid. Denk hierbij aan aandacht voor de verschillende vormen van impact van klimaatverandering en van wapenexport op de levens van vrouwen en meiden in al hun diversiteit. Of de impact van beleidskeuzes op de positie van migranten- en vluchtelingenvrouwen, zeker wanneer zij niet door de overheid geconsulteerd zijn op wat zij en hun gemeenschappen nodig hebben. Of hoe de toegenomen online haat de voortdurende ondervertegenwoordiging van vrouwen – en nog meer voor vrouwen van kleur - in de politiek in stand houdt. Ook is het Comité terecht kritisch over de bezuinigingen op en maatschappelijke krimpende ruimte voor vrouwenrechtenorganisaties en mensenrechtenverdedigers.
Kortom, de CEDAW-aanbevelingen sluiten goed aan bij onze
recente oproep aan de Tweede Kamer om gendergelijkheid en vrouwenrechten prioriteit te maken. Nu het kabinet Jetten daadwerkelijk is geïnstalleerd,is het
de hoogste tijd om volop in te zetten op gendergelijkheid en vrouwenrechten. Onder andere door het garanderen van de veiligheid en vrijheid van alle vrouwen en hun bondgenoten die zich inzetten voor mensenrechten, en door te pakken met politieke en financiële steun voor gendergelijkheids- en vrouwenrechtenorganisaties. Door ervoor te zorgen dat voorvechters van gendergelijkheid en vrouwenrechten zich kunnen organiseren en uitspreken. En door vrouwelijke politici beter te beschermen tegen bedreigingen.
Het
CEDAW-rapport biedt een duidelijk kader aan de regering voor verdere uitwerking (en evaluatie) van het coalitieakkoord. Dit vraagt wel om regie, prioriteitstelling, voldoende middelen en structurele betrokkenheid van maatschappelijke organisaties, zowel nationaal als internationaal. WO=MEN is er in ieder geval klaar voor om er samen mee aan de slag te gaan.